Google
www www.gerbrandsdingetje.nl
Home | Nieuws | Boeken | Optredens | Archief | To international visitors page To international visitors page To international visitors page

Weblog van Gerbrand Bakker

Wankelhond
Het is nu bijna twee dagen later, nu durf ik er wel over te schrijven, vooral ook omdat hij danig lijkt op te knappen. Afgelopen zaterdag liepen Jasper en ik het avondetenrondje. Hij had me er weer voor over, dus smeerde hem en bleef ook weg, dat gebeurt toch nog af en toe. Hij kwam een half uur later thuis dan ik, onder de prut. Eten. Ik ook eten. Niets aan de hand. Toen ik zo'n drie uur later Ik vertrek zat te kijken, merkte ik dat er iets mis was. Hij likte zich op een vreemde manier en keek zo nu en dan verdwaasd naar de tv. Als ik hem riep, wankelde zijn kop. Hij wilde van de bank af, viel er af en rommelde rond alsof hij stomdronken was. Hij piste op het wollen kleed. Dat mocht van mij, ik aaide hem er zelfs bij over zijn flanken. Het was alsof ik een pasgeboren kalf overeind probeerde te houden. Na ettelijke antwoordapparaten ingesproken te hebben besloot ik onze eigen Tierarzt Kuntze te bellen. Die nam nog op ook. Ik zei dat ik vreesde dat Jasper een hersenbloeding had, een 'tikkie' zoals mijn moeder zegt. Hij dacht eerder aan een botsing met een auto, stelde allerlei vragen en adviseerde me hem in een stikdonkere kamer te leggen en een zak ijs op zijn kop te leggen. Dat eerste kon geregeld worden, het tweede natuurlijk niet. Hoe hou je bij een hond een hele nacht een zak ijs op zijn kop? Hij begon rond drieën 's nachts te piepen. Ik droeg hem naar beneden, hij piste in de tuin. Daarna mocht hij bij mij op bed, waar hij zachtjes piepend in slaap viel. Bijna onophoudelijk likte hij zijn lippen. Gisteren deed hij de hele dag alsof er niets met hem aan de hand was. Hij at en dronk, blafte naar fietsers, hapte naar vliegen. Maar nog steeds waggelde hij en viel om als hij zijn kop schudde. Het lukte me niet om ergens in de buurt een dierenarts te vinden met weekenddienst en ik durfde Herr Kuntze niet ook nog eens op zondag te bellen. We liepen vijf keer een heel klein rondje en ik moest steeds tegen hem zeggen 'Dat kan niet Jasper, dat moet je niet doen, je bent niet goed.' Toch had ik het gevoel dat ik met een herstellende hond op pad was, niet met een dier dat leed en steeds slechter werd. Hij rolde zelfs een keer om in de Nims omdat hij in het water zijn kop schudde. Afgelopen nacht was rustig, hij weer op bed, we hebben allebei lekker geslapen, geen van beiden heeft in bed geplast. Vanochtend een groter stuk gelopen, hij rende zo af en toe. Hij wankelt steeds minder en toen we bij huis kwamen liep hij gewoon door, de weg op, het bospad in. Ik heb hem uitgescholden toen hij thuiskwam, een minuut of tien later dan ik. Hij heeft niet gegeten. Ik dacht steeds 'het kunnen drie of vier dingen zijn': 1. een herseninfarct (dan wordt hij vanzelf beter, of niet. Hij wordt zeker niet slechter); 2. een botsing met een auto (maar waarom dan die late reactie en zag ik niet meteen iets? Hij had ook helemaal geen wonden. Dan zou hij een hersenschudding hebben. Rustig aan doen, dan wordt hij vanzelf beter); 3. een tumor in zijn hoofd (dan zijn we een stuk verder van huis) of 4. iets in zijn oren, waar - denk ik - net als bij mensen het evenwichtsorgaan zit. Een oorontsteking? Hoe dan ook: vanmiddag naar Herr Kuntze, mogelijk kan hij achterhalen wat het geweest is. Of is.

Opel Record
Gisteren waren hier twee mannen. Corné en Huib. Corné was de fotograaf, Huib was de interviewer. Ze zijn een boek aan het maken over schrijfplekken met 20 of 40 schrijvers, dat weet ik niet meer precies. Vlaams en Hollands. Ik werd ondervraagd in het zithoekje in mijn schrijfkamer, en Corné wrong zich in allerlei bochten om een zo mooi mogelijke foto te maken van de schrijfhoek. 'Zal ik Jasper er even bij halen?' vroeg ik. 'Dat beest is ongehoord fotogeniek.' Huib wilde weten vanwaar al die cactussen. 'Die hebben weinig water nodig,' zei ik. Na afloop bekeken Huib en Corné de foto's en ze vonden een foto met Jasper erop de allermooiste. Daarna gingen ze weer weg. 's Ochtends waren ze bij Marnix Peeters geweest, die woont hier zo'n 35 kilometer vandaan. De auteur van Natte dozen en De dag dat we Andy zijn arm afzaagden. Ik maakte daarna de buitentafel voor het terras af. Zodirect ga ik die nog schilderen. Ik wacht op Jasper, die heb ik vanochtend de deur uitgedaan. Dat viel nog niet mee, hij keek me steeds aan, 'waar blijf je nou'? 'Toe maar,' zei ik. En ik dacht er achteraan: 'Straks gaat hij nooit meer in z'n eentje op pad, dan moet ik altijd mee.'
Het is warm, drukkend. De tuin ligt er prima bij. Vorig jaar rond deze tijd moest ik enorm aan de bak na twee weken afwezigheid. Nu ben ik in een uurtje klaar. Dat betekent dat de tuin volwassen wordt. De ijzeren poort is nog niet klaar, dat duurt langer dan gepland. En pas als de poort staat, zal ik het hek afmaken. Het Jasperhek. Al het vogelspul is tot mijn verbazing alweer terug. Zelfs de heggenmussen en roodborsten, ik ben dus maar weer begonnen ze te voeren. Je moet die dieren aan je binden. Het internet heeft nog niet één keer gehaperd. Straks komt er visite en aanstaande vrijdag krijg ik logees. Toch heerst er augustusrust en heb ik nu eens niet de neiging die maand de meest overbodige maand van het jaar te noemen. Misschien komt dat mede door de vogels die volgens mij normaal gesproken in de zomer muisstil zijn en zich niet laten zien.
Op de afbeelding een Opel Record, die trof ik aan tijdens de Trödelmarkt in Lambertsberg. Mijn hart maakte een sprongetje: de auto van mijn opa! Zelfs de stoelbekleding was hetzelfde. Ik hoefde niet eens een portier te openen om te weten hoe het binnen in de auto rook.

Jasper 68 - Eppie.
Ik haalde net een teek van Jaspers onderlip. Dat was een heel snuggere teek: nooit had de hond het diertje er zelf af kunnen knabbern. Maar gelukkig ben ik er dan om hem te verwijderen. Daarvoor liepen we ons ochtendrondje, zónder lijn. Dat rondje komt langs de Hundeschule, die onderaan de heuvel ligt. De ene hond die er nog over is, liep per ongeluk los. Eppie heet ze. Jasper en Eppie gingen vechten. De man van Hundeschule Streifenberg kwam omhoog. Eerst woonde zijn vriendin daar, maar ze zijn van huis gewisseld (eerst tikte ik "hebben ze van huis gewisseld", en ik besefte dat dat Duits is), zij woont nu in Münstereifel, hij hier. Ik vergeet steeds aan hem te vragen hoe hij heet. We spraken, de honden bleven om elkaar heen draaien, lippen opgetrokken. Maar vooral ook bleef Jasper daar. Hij rende niet keihard weg. We liepen rustig samen verder. Verderop liep een ree in het bos, en dat is nog steeds - na trouwens slechts vijf dagen van Jaspers volgen - een breekpunt van ons samenzijn. Ik liep gewoon verder en kwam thuis. Daar stond hij trouw te wachten op het nieuwe terras.
Ik kan het nog steeds niet goed geloven. De afgelopen twee nachten heeft hij ook niet meer gepist, mogelijk is alles nu weer tot rust gekomen. Gisteravond, het was te donker al eigenlijk, raakte ik hem onderweg kwijt, of raakte hij mij kwijt. Ik dronk buiten nog een whisky, ik rookte nog een sjekkie en ging toen naar bed. Maar niet dan nadat ik de deur van de Hauswirtschaftsraum opengezet had en er het kleine lampje aangeknipt had. Om 03:00 uur werd ik wakker; ik had tijdens een barbecue bij Boekhandel Bloemendaal te veel vlees gegeten en te veel witte wijn gedronken, en dan wordt ik altijd zwetend wakker, onrustig. Ik ging naar beneden, naar buiten. Jasper lag keurig in zijn mandje, zachtjes slaand met zijn staart. Ik knipte het lampje uit en ging weer naar bed. Slapen.

Lavatera
'Ich bin entäuscht,' zei ik tegen buurman Klaus gisteren. Eindelijk supersnel internet maar so what? Het voelde een beetje als de eerste keer op het ijs, in oktober. Ik wilde en verwachtte dat dat lastig zou zijn, moeilijk. Niks ervan, ik schaatste weg alsof ik niet zes maanden lang geen ijzers onder had gehad. Dan was ik ook altijd teleurgesteld. Wel kan ik eindelijk gewoon met mijn Apple mail mailtjes beantwoorden, dat kon namelijk niet omdat de KPN-server voor uitgaande mail niet werkt als je niet aan het KPN-modem hangt. Ik gebruik nu de server van Telekom, werkt als een zonnetje. En ik wilde via de livestream van de NPO naar de Tour kijken maar dat ging niet wegens rechtenkwesties die te maken hadden met mijn geografische locatie. Dat viel vies tegen. Dan kan ik komende winter dus ook niet naar allerlei schaatswedstrijden kijken. Maar ik kreeg al tips van mensen om dit probleem te omzeilen.
Jasper drijft me tot wanhoop. Gisteren piste hij tot drie keer toe in huis, steeds op een ander kleed. Vanochtend liepen we samen, zonder lijn, in de tuin omhoog. Vanaf dat moment is hij een half uur lang bij me gebleven. Wel steeds weg, het bos in, de wei op, maar steeds achterom kijken waar ik bleef. Een half uur lang! 'Goed zo!' riep ik steeds. Toen was er een ree. Op de terugweg, alleen, ging ik koffiedrinken bij buurvrouw Waltraud. Daarna liep ik, zo nu en dan fluitend, naar huis en toen ik door het bos omlaag liep, kwam Jasper me op de tuintrap tegemoet. Wat is er gebeurd? Is dit een doorbraak? Ik mag het hopen. Maar heb ik dan nog wel een hek nodig?
Ik voel me rottig, in het Privédomeindeel ben ik over mijn Leeuwardenperiode aan het schrijven. Dat moet van mezelf. Maar blij word ik er niet van. Op de afbeelding de tuinstoeltjes die ik onlangs kocht bij de Hela, op één ervan zat vanochtend Boekhandel Bloemendaal. Ze kwam me een Lavatera brengen.

Update.
Jasper is ziek geweest, heeft een spuit en pillen gekregen tegen Blasenentzündung en is nu - meen ik - weer beter, al vond ik vanochtend weer een vochtige plek op zijn kussen op de bank. Momenteel is hij de hort op, ik had verschrikkelijk géén zin met hem te gaan lopen. Iedereen, alle buren, hebben inmiddels internet. Ik niet. Er was hier geen telefoon, waarschijnlijk meer dan 30 jaar niet geweest. Er moest een kabel worden opgegraven in mijn oprit (graafmachine, twee mannen in oranje pakken) en dat is gelukt en die is aangesloten op een nieuw stuk kabel en die kabel is in een kastje gegaan die in de Hauswirtschaftsraum hangt. Zo ver zijn we al. Met de tuin gaat alles prima, het wordt hier steeds mooier en voller en bloemrijker. Met mij gaat het ook goed, ik overleefde gisteren honderden razende wespen wiens nest ik verstoorde bij het uittrekken van een sparretje in het bos. Het deed wel erg zeer en sommige delen van mijn lijf zwollen nogal op.
De ene reden dat ik hier vrijwel niets meer plaatste lag in het hemeltergend trage internet. Een andere reden, die ik tot nu toe geheim had gehouden omdat ik dacht dat het geheim wás, is Privédomein. Én weblog, én column in Trouw én schrijven aan een dagboek voor de Arbeiderspers, dat was en is een beetje te veel. Vooral ook omdat ik de dingen niet wil laten overlappen. Gisteren zag ik op Twitter ineens allerlei fijne berichten dat mensen zich verheugden op het Privédomeindeel, waaruit ik opmaakte dat de Arbeiderspers dat op hun website had gezet of op een andere manier had bekendgemaakt. Ik zit op 75.000 woorden en ga door tot begin december. Dan kan er heel veel geschrapt worden. Of bijna niets en dan wordt het een heel dik Privédomeindeel. Eén iemand heeft via whatsapp al laten weten dat ze bijna overgeven moest van de titel Jasper en zijn knecht. Daarvoor is deeltijdbuurman Willi verantwoordelijk. Eergisteren riep hij me zelfs toe dat als ik mijn Chef zocht, die in de buurt van het huis van Max te vinden was. Op de afbeelding het eerste omslag, met simpelweg DAGBOEKEN er op.

Geen grutto's.
Onlangs schreef ik over heimwee naar Waterland. Gisteren kwam het ervan. Nadat vriend H. en ik twee oeroude jeneverbessen (de gecultiveerde 'Horizontalis') tot prachtige parasolboompjes hadden gezaagd en gesnoeid in zijn voortuintje, zetten we hondje Bas en Jasper in de auto en reden we naar de Volgermeerpolder. Het regende. Dat maakte me allemaal niks uit; het was zo lang geleden dat ik regen gevoeld had, dat ik me graag zeiknat regenen liet. En (bijna) alles wat ik me wensen kon was aanwezig. Ongelofelijk veel gierzwaluwen. Die vlogen heel laag - slecht weer - en botsten soms bijna tegen ons op. Twee kluten, heel veel tureluurs, kievieten, scholeksters, een paar lepelaars, mooie eendjes. Een grutto heb ik gezien noch gehoord. Zijn die dan nu écht verdwenen uit Waterland? Nee toch? Op een weiland langs het nieuwe park liepen wel vijftig paarden. En het regende maar. Ik kreeg zin om mijn kleren uit te trekken en te gaan zwemmen. Dat heb ik niet gedaan. Jasper ging achter konijntjes aan. Ik dus ook, want van de lijn kan hij nog steeds niet en ik gun het hem zo te rennen. Hondje Bas moest en zou steeds op een dusdanige manier langs me heen dat ik aldoor over zijn rode lijn moest stappen. Vriend H. had tot drie keer toe ergens gelijk in. Dat was wel een beetje ergerlijk, maar ik genoot zo van de regen dat ik het hem snel vergaf. We hebben geen enkel nest vertrappeld. Jasper en ik moesten nog van H's huis terug op de fiets. Nog steeds regen. Omdat ik er zo van genoot, deed Jasper ook alsof hij het helemaal niet erg vond.


Naar boven
nieuws
17 april 2014The Detour op shortlist Impac Award

» Archief
 Uitleg »