Geboren op 28 april 1962 in Wieringerwaard, als derde zoon in een boerengezin van zeven kinderen. Heeft van 1967 tot 1992 (25 jaar!) ´op school´ gezeten: kleuterschool; lagere school; havo; vwo; agogische akademie in Leeuwarden (kultureel werk) en Nederlandse taal- en letterkunde aan de universiteit van Amsterdam (hoofdvak historische taalkunde, doctoraalscriptie over de nog bestaande overeenkomsten tussen Fries en Westfries). ´Literair´ gezien de meest aansprekende college´s: vier semesters Naamkunde op het P.J. Meertens-Instituut, van professor Blok. Respectievelijk inmiddels beter bekend als het Het Bureau en Jaap Balk. Daarna een paar jaar bijstand, maar dat betekende niet nietsdoen: hij schreef bijvoorbeeld artikels over Westfriese plaatsnamen die in het Noord-Hollands Dagblad verschenen.
Van 1995 tot 2002 was hij ondertitelvertaler, waarbij hij een voorkeur ontwikkelde voor natuurfilms die vrijwel allemaal in scène gezet worden: na een flink aantal documentaires zag hij regelmatig dezelfde beelden terugkomen. Meestal vreten leeuwen de ene na de andere gnoe op, en daar ging een grote rust van uit. Hij heeft al jaren een Artis-jaarkaart en zijn favoriete dier is in de loop van de tijd aan inwisseling onderhevig geweest. Het waren ooit kapucijnaapjes, momenteel zijn het twee diersoorten: de okapi (helaas alleen te zien in Diergaarde Blijdorp, Rotterdam) en de tapir.
Aangezien die kwarteeuw school blijkbaar nog niet voldoende was, begon hij in september 2003 een avondopleiding tot hovenier aan de Groene Campus (voorheen: Clusius College) in Alkmaar. In juli 2006 sloot hij die opleiding succesvol af en vanaf dat moment is hij - als ´vakbekwaam hovenier´ - in te huren voor tuinontwerp en -onderhoud.
Hij leerde rond 1984 Dolf Verroen, Paul Biegel en Nannie Kuiper kennen, en die drie ´grand old(er) persons´ van de jeugdliteratuur hebben hem ´besmet´ met (kinder)boekenschrijven. En dan aanvankelijk vooral alles eromheen: fijne huizen, een bepaalde manier van leven en praten, volle boekenkasten, (veel) drank, mooi aangelegde bostuinen, ingelijste illustraties aan de muur, literaire prijzen.
Omdat hij tijdens zijn studie Nederlands nogal wat aan etymologie had gedaan, en eerste pogingen tot het schrijven van kinderboeken faliekant mislukten, besloot hij een etymologisch woordenboek voor kinderen te gaan schrijven. Uitgeverij Piramide (inmiddels opgegaan in De Fontein, Baarn) zag er wel brood in en uiteindelijk werden het er zelfs twee:
Het Etymologisch Woordenboek voor Beginners of Hoe het mannetje mannequin werd... (Piramide, 1997)
Het Tweede Etymologisch Woordenboek voor Beginners of Hoe het karretje carrière maakte... (Piramide, 1998)
Toen moest er een spreekwoordenboek komen, maar na een gesprek met iemand van Van Dale (het zou een samenwerkingsverband worden), zag hij daarvan af, omdat het een échte Van Dale moest worden en geen échte Bakker.
Dus zei zijn toenmalige uitgeefster: "Ga dan nu maar een roman schrijven."
"Oké," zei hij.

Dat leidde tot Perenbomen bloeien wit (Piramide, 1999).
Dat boek is door Andrea Kluitmann in het Duits vertaald. Birnbäume blühen weiß verscheen in 2001 bij Patmos Verlag, een tweede druk verscheen in 2002. Fischer Taschenbuch Verlag bracht in 2004 een paperback op de markt, in de serie ´Schatzinsel´. In Nederland was in 2002 ook een tweede druk verscheen, met een ander omslag, wat het aantal verschillende omslagen op vier bracht. En toen in maart 2007 een 'volwasseneneditie' op de markt kwam, waren dat er vijf. Ze zijn hierboven te zien.
"Nu moet je een tweede roman schrijven," zei de toenmalige uitgeefster.
"Oké," zei hij.
Dat viel niet mee. Heel veel van wat hij schrijft, verdwijnt in de figuurlijke shredder.
Zijn grootste verkoopsucces tot nu toe is het Woordenboek voor Aankomende Brugklassers (liefkozend WAB'je genoemd) (2000), dat uitgegeven is door Ilco Productions in Rotterdam, inmiddels Uitgeverij Ger Guijs. Het is te koop voor één euro en bedoeld als afscheidsboekje voor achtstegroepers of welkomstgeschenk voor brugklassers. Er zijn er al zo’n 100.000 van verkocht en het boekje is aan een zevende druk toe. Niet in de boekwinkel te verkrijgen, wel te bestellen in grote hoeveelheden, door schoolbesturen.
De twee etymologische woordenboeken raakten uitverkocht of verramsjt en in juni 2006 kwam het Junior Etymologisch Woordenboek (in beperkte kring ook bekend onder de naam De Dikke Bakker) uit, bij Uitgeverij Ger Guijs. De twee woordenboeken zijn samengevoegd tot één dik (640 pagina’s) deel en de tekst is bewerkt en vermeerderd.
De toenmalige uitgeefster verdween van het toneel en niemand heeft hem daarna nog gezegd iets te doen. Hij moest het allemaal zelf doen. Voor een manuscript waaraan hij al meer dan tien jaar werkt en dat al zeven titels heeft gehad (de langste en pedantste was: Trappelende mantelmeeuwen op dor gras) ontving hij in het jaar 2001 een werkbeurs van het Fonds voor de Letteren. In 2005 kreeg hij een brief van het Fonds.
Hoe het zat met de voortgang?
Goed, schreef hij terug.
Over een jaar nog eens iets laten horen, graag.
Oké.
Tussendoor schreef hij echter een andere roman, met de werktitel Henk. In maart 2006 is dat ‘grotemensenboek’ uitgekomen, en het is dus - nog - niet het ‘fondsboek’. Voor die titel hield hij zijn hart vast, aangezien de uitgeverij (Cossee, Amsterdam) hem tussen neus en lippen door vroeg of hij - naast een voorstel voor een omslag ("Doe maar een schaap," zei hij) - ook "een idee had voor een andere titel". Zo werd Henk Boven is het stil en op de omslag is géén schaap te zien. Al snel verscheen een eerste herdruk, in mei werd hem het Gouden Ezelsoor (een prijs voor het beste en bestverkopende debuut) toegekend.
Daarna volgden nominaties voor de tiplijst van de AKO-Literatuurprijs en de Anton Wachterprijs. In november 2006 werd Boven De DebutantenPrijs toegekend. Begin 2007 werd het omslag van de roman door boekverkopers gekozen tot Mooiste Boekomslag van 2006. In maart werd de roman genomineerd voor de Selexyz Debuutprijs en kwam hij ook terecht op de shortlist van de Libris Literatuur Prijs. (Tirza van Arnon Grunberg won op 7 mei de Libris.)
De vertaalrechten zijn inmiddels verkocht aan Duitsland (Suhrkamp), Frankrijk (Gallimard), Engeland (Harvill Secker), de Verenigde Staten (Random House), Australië (Scribe), Italië (Iperborea), Denemarken (Gyldendal), Turkije, Korea (Moonji), Noorwegen (Arneberg Forlag) en Israël.
In april 2010 kwam de 19e druk op de markt. De filmrechten zijn verkocht aan CIRCE en Isabela Company en in maart/april 2009 heeft toneelgezelschap Het Vervolg uit Maastricht een maand lang het tot toneelstuk omgebouwde Boven op de planken gebracht.
Eind februari 2009 verscheen Ezel, schaap en tureluur: verzamelde "dingetjes" van het weblog en dierencolumns uit de Groene Amsterdammer. Dit in het kader van het thema van de Boekenweek "Tjielp, tjielp - De Literaire Zoo".
Op de grens van mei en juni 2009 verscheen Juni, een boek dat in de loop van de tijd zo'n tien verschillende werktitels heeft gehad, waaronder Stro/Dode mus, O, Happy Day en Rotjongens. Het is een roman over - onder meer - de oude koningin en een ongeluk, advocaat en bokkenpootjes op het stro, het omzagen van kastanjebomen, het opknappen van een grafsteen en zeulen met een loodzware zak kiezelstenen, en het keer op keer in de sloot gooien van een chocoladebruine labrador.
In augustus 2009 verscheen een derde druk. In mei 2010 zal de Duitse vertaling verschijnen bij Suhrkamp. Een Franse (Gallimard) en Deense (Gyldendal) vertaling zullen later volgen.
|